|
De beleidsdekkingsgraad van Pensioenfonds Cargill is eind mei 2016 uitgekomen op 95,4%. Daarmee houdt de beleidsdekkingsgraad nog steeds een dalende lijn aan, nu al ruim een jaar.
De dekkingsgraad geeft aan in hoeverre de pensioenverplichtingen kunnen worden nagekomen. Toezichthouder DNB verplicht pensioenfondsen om hun dekkingsgraad te berekenen volgens het gemiddelde van de twaalf voorafgaande maanddekkingsgraden. Dit wordt de beleidsdekkingsgraad genoemd en deze wordt maandelijks gepubliceerd op de website van pensioenfonds Cargill.
De dekkingsgraad staat nog steeds erg laag. Over de (mogelijke) gevolgen hiervan verscheen in februari al een digitale nieuwsbrief.
Bij het bereiken van de kritieke dekkingsgraad (89,3%) moet het pensioenfonds meteen kortingen toepassen. Deze kortingen kunnen worden uitgesmeerd over een periode van maximaal tien jaar.
Verder is het zo dat vanaf 2017 de zogenaamde voorwaardelijkheidsbepaling geldt voor de middelloonregeling van Pensioenfonds Cargill. Dit betekent dat binnen afgesproken bandbreedtes, die afhangen van de stand van de rente, Cargill de volledige premie betaalt, met in achtneming van de eigen bijdrage van deelnemers. Komt de premie boven de bandbreedte uit (door een aanhoudende lage rentestand) dan kan de deelnemersbijdrage worden verhoogd of de pensioenopbouw worden verlaagd. Komt de premie lager uit dan de bandbreedte dan kan de deelnemersbijdrage worden verlaagd of zullen de voordelen op andere wijze ten gunste van de deelnemer komen.
|